|
Een van de fietsen die we weinig
in Nederland zien, maar die een grote invloed hebben gehad op de
fietsenindustrie, is de Moulton. Het is een eigenzinnig ontwerp van de Britse
constructeur sir Alex Moulton.
De
Moulton was de voorloper van alle "minifietsen" en "unisex-fietsen"
uit de jaren zestig en zeventig. Hoewel de Moulton
M5 Stowaway geen
echte vouwfiets is (alleen deelbaar), heeft het ontwerp
veel bijgedragen aan de ontwikkeling van concept
"vouwfiets" in algemene zin.
In april 2009 kocht ik op Marktplaats (zie FIG.1a en
1b) een Stowaway uit de Series 1 van 1964; dit ontwerp
heet het F-frame. Het plakkertje van Motorhuis Maasland
Den Haag en het witte achterspatbord, geven aan dat het
een import uit die tijd is. Voor een 45 jaar oud fietsje, was het in redelijke
staat; alles was
origineel, alleen het achterlicht was kapot (bros plastic) en de bel en het pompje
ontbraken.

FIG.1a De fiets op Marktplaats. FIG.1b
idem.
DE MOULTON SERIES 1 UIT 1964
FIG.2 De modellen uit Series 1 met informatie over
de onderdelen en de prijzen (onderaan staat ook nog een lijst
verkrijgbare extra accessoires).
Omdat kleine wieltjes elk putje oppikken, had de Moulton
vering.
Bij Series 1 waren de wieltjes
16 inch, in
ETRTO maten 37x349. In combinatie met
hoge druk Dunlop bandjes leverde dit
een licht lopend en comfortabel fietsje op. Helaas waren ze wel
prijzig ten opzichte van de opa- en omafietsen die de
markt domineerden. De wielbasis
van de Moulton is nagenoeg gelijk aan een gewone fiets
en het weggedrag ook.
De
lage instap maakte het model voor beide seksen geschikt.
Het succes leidde tot imitatie. Veel merken hadden
destijds zo'n moderne "Unisex fiets"
in hun programma; men zag af van (dure) vering en ging
brede
lage druk
banden gebruiken. De
rolweerstand van de meeste fietsjes was gigantisch en de “minifiets-rage”
was dan ook zo weer voorbij. Onder anderen Batavus,
Gazelle en Magneet, hebben een
duidelijke kloon van het F-frame op de markt gebracht.
Er
zijn tienduizenden Moultons gemaakt; het was
dus
een succesvol concept,
maar
het
heeft niet de verandering in
fietsenindustrie gebracht, waar de ontwerper naar
streefde. Dat kwam, omdat nog eens
honderdduizenden
klonen het origineel overschaduwden. Na de hype was iedereen weer ervan overtuigd
dat kleine wielen zwaar lopen, terwijl hij juist had laten
zien, dat dit niet nodig was. Maar zowel met het eerste ontwerp
van de Moulton, als in de uitvoering van de Series 1,
waren er toch wat problemen.
De Series 2
modellen (vanaf 1965) waren kwalitatief beter, maar ook
duurder. Een beperkt aantal fietsen uit de Series 2 werd
in Bradford on Avon opgebouwd met extra lichte
onderdelen van hoge kwaliteit. Deze staan bekend als de
"S-range"
en waren op bestelling zelfs geheel
verchroomd te koop. Ze kwamen helaas op de markt, toen de rage
alweer over het hoogtepunt heen was en de concurrentie
moordend. Voor kinderen werd er een aparte "Mini"
geďntroduceerd; dit was een schaalverkleining naar 7/8
met 14 inch wieltjes. In 1967 kocht Raleigh de firma Moulton op; de
Moulton Mark 3 werd een Raleigh product. Hierin zit
helaas ook Raleigh schroefdraad (zie de pagina
frame delen
).
 
 
Hoewel het
vanaf het
begin de bedoeling was,
dat Raleigh de productie van de Moulton op zich zou
nemen, haakte de conservatieve firma af. De marketing-experts van Raleigh dachten
dat het publiek zo'n modernistisch bouwsel niet zou
accepteren. Moulton heeft in 1962 dus zelf de productie ter hand genomen; ze
hadden enkele werkplaatsen in Bradford on Avon, waar de
firma ook gevestigd was. Het merendeel van de productie
werd echter gedaan in een fabriek in Kirkby bij
Liverpool. Dit was eigenlijk een autofabriek. In
Bradford bouwden vakmensen fietsen, in Kirkby zetten
arbeiders fietsen in elkaar. De arbeiders waren bang
vuile handen te krijgen en gebruikten daarom geen vet
bij montage. Een oude fiets uit Kirkby is daardoor vaak
op veel plaatsen vastgeroest, wat een crime is bij
restauraties. Ook andere kwaliteitsproblemen, deden het
merk geen goed. Een serie voorvorken van een
toeleverancier, ingebouwd tussen november 63 t/m juni 64,
is teruggeroepen vanwege slecht soldeerwerk. Aan het framenummer
is te zien dat de fiets uit Kirkby komt; meestal heeft het
nummer dan 6 cijfers en soms staat er een K voor, of staat er
aan de andere kant van de zitbuis iets als K65 ( Kirkby
1965); soms ontbreekt de K. De Bradford fietsen hebben langere nummers.
MIJN
MOULTON STOWAWAY M5
Mijn Moulton Stowaway
M5 uit de Series 1 van 1964, was voor een 45 jaar oud
fietsje in redelijke
staat; alles was
origineel, alleen achterlicht was kapot (bros plastic), en de bel en het pompje
ontbraken. Het nummer van mijn fiets is 64130003 (Bradford
1964 -week 13 - derde exemplaar uit de order). Ook in
deze weken kan de voorvork nog uit de slechte lading
komen, dus daar heb ik extra op gecontroleerd. Het
balhoofd van mijn fiets draaide mottig en dat kan een
probleem zijn, want er zijn nauwelijks
vervangingsmogelijkheden. Het is geen standaard
balhoofd, omdat het onderlager veel groter is dan het
bovenlager. Bij inspectie blijken met name de afstelling
en kapotte kogeltjes schuldig. De belangrijke
lagerschalen zijn nog verrassend goed. De voorvering
functioneert nog prima, alles zit goed in het vet, ook
de centrale veer. De geleiding loopt nog soepel en heeft
geen speling, die laat ik verder intact. Problemen waren
er
alleen bij de
demontage van de rechter crankspie (die zat erg vast) en
schade in de voornaaf, door ingevreten conen van de
lagers; mogelijk waren deze lagers ooit te strak
afgesteld. Verder is de kwaliteit van de lak van het
fietsje pover.
Helaas
heeft de Nederlandse importeur, de in Engeland gebruikelijke voorrem
weggelaten (hier niet wettelijk verplicht). Dit vind ik
wel een gemis, want de Perry terugtraprem werkt maar
matig en ik ben gewend aan handremmen. Ik zal dus een
handrem monteren; ja, maar dan is het fietsje niet meer
origineel, kunt u zeggen! Hier komen we op een
discussiepunt. Voor mij is een fiets een
transportmiddel. Deze fiets is een klassieker, die ik weinig
zal gebruiken,
maar hij zal rijden zoals ik dat wil. Het is geen
museumstuk, dat als beeldhouwwerk op een
sokkel staat. Ik bewaar wel het tijdsbeeld;
ik ga bij de sloopfietsen van een fietsenwerkplaats op
zoek naar onderdelen; de fiets zal eruit zien, zoals hij
in ' 64 had kunnen rondrijden. Er komt een
nieuwe zadelpen zonder roest. Het zadel wordt een Brooks B17 uit
begin jaren zestig (zat ook op de Moulton Safari); het stuur
wordt vervangen door een sportiever exemplaar met een langere voorbouw.
Een dergelijk stuur zat ook op de Moulton Speed M4. De Perry achternaaf
wordt vervangen door een Torpedo Duomatic, deze is in dit type fiets veel gebruikt.
De spatlap vind ik overbodig en lelijk en ook verlichting sloop ik eraf; als ik licht nodig
heb, klik ik er wel even twee LEDjes op. De Dunlop
banden zijn na 45 jaar aan vervanging toe; ongelofelijk
dat deze banden nog rijdbaar zijn. Schwalbe heeft de maat in het assortiment,
maar dat wil niet zeggen
dat de importeur ze ook altijd op voorraad heeft. Via
Engelse webwinkels zijn ze goed leverbaar, zie:
http://www.chainreactioncycles.com.
Op de site van de Moultoneers (
http://www.moultoneers.info/ ) geeft een oude rot ( Michael Woolf )
een handleiding voor het ontmantelen van de voor- en
achtervering van Moultons (zie FIG.5 en 6 ). Deze aanwijzingen zijn te
vinden in de pagina Tech Topics; neem ze door, voor je
met het werk begint.
Met de voorvork
(FIG.6), zijn zoals gemeld, wel eens problemen geweest.
De voorvork kan op en neer bewegen door enkele nylon
geleideringen. De onderste geleidering heeft groeven,
die passen in een stalen kraag die boven de vorkkroon
zit (onder de rubber harmonica). De centrale veer, waar
de voorvork op veert, zit in de balhoofdbuis en steunt
af op een plug. Deze plug wordt vastgehouden door de
centrale bout van de voorrem (of de bout van het
spatbord). De centrale veer bevat een losse rubber
staaf; bij compressie zal die staaf uitzetten. De
wrijving van het rubber langs de stalen veer zorgt voor
demping. Deze simpele constructie werkt in de praktijk
heel aardig, zelfs na 45 jaar. Er is een
bevestigingspunt voor een slotje op de vork; dit slotje
zal boeven niet echt bang maken, dat laat ik weg.
FIG.5 De achtervork met de
losgemaakte veerunit.
FIG.6 De voorvork met veer.
Bij demontage van
de achtervork is het de bedoeling dat de veerunit
intact blijft. Het passtuk van
het voorframe moet aan het rubberblok en de grondplaat
blijven zitten. Een veel gemaakte fout is, dat men
bij de achtervork het rubber van de grondplaat loswrikt.
Als je de fiets langdurig ophangt, krijg je het zelfde
effect: de bovenkant van het rubber wordt op trek belast
en scheurt in. Gelieve de fiets dus staand te bewaren. Je moet met een boor voorzichtig de vier popnagels
waarmee de grondplaat vastzit, aan de bovenkant los te
boren, dan kun je de restanten van de popnagel er zo
uittikken. Je hoeft dus niet in de achtervork te boren.
Als de popnagels eruit zijn, maak je voorzichtig de
lippen van de grondplaat wat los; niet meer dan nodig
is, want de zaak moet ook weer in elkaar en de lippen
mogen niet afbreken. Nu hebben we de achtervork los en
kan deze schoongemaakt worden en overgespoten.
Kijk goed
of het ding niet scheef is, of gescheurd, want
soldeerwerk en richten zijn nu goed te doen. Tja, en dan
komen we weer bij een minder leuk verhaal over deze Moultons. De achtervork is niet sterk genoeg! Het
is verstandig deze te versterken; zeker voor mijn dikke
90 kilogrammen. De Series 2 hebben een rechte en
sterkere achtervork; soms treffen we die ook al aan in de
laatste exemplaren van Series 1. De standaard Series 1 achtervork
gaat scheurtjes vertonen tussen de klemplaat waar de
veerunit op gepopnageld wordt, en lagering
(asgaten) van de vork. De versterking bestaat uit het
hardsolderen van een extra
bodemplaat onder de bestaande horizontale plaat
(voor zijdelingse verstijving) en
een verdikking tot het puntje van de vork bij de platgeknepen buis
(voor verticale verstijving, zie FIG.5 en 7a+b).

FIG.7a Versterkingsplaatjes voor de achtervork. FIG.7b De achtervork met versterking.
De eerste twee
strippen (3-4mm dik) versterken ophanging; dit is het rode vlakje 1. Let op dat het oogje
voor popnagel 2 van de klemplaat niet dicht gesoldeerd wordt. De afmeting is
ongeveer 20x60 mm (daarna passend slijpen en vijlen). De derde strip verbetert
de zijdelingse stijfheid en vormt een doos met de aanwezige bovenplaat op de
vork. De
afmeting is ongeveer 50x60mm en 3-4mm dik. Mijn Stowaway heeft op die plek geen rem; als dat wel nodig is, moet je
een gat in de bodemplaat boren. Met een boorgat van 15mm
heb je voldoende ruimte voor je dopsleutel. Volgens sommigen is het beter om een
echte doosconstructie onder de bovenplaat te solderen; uiteindelijk
koos ik voor 3 stukjes T-profiel van 20mm:
met een lengte van circa 60mm, passend
geslepen en gevijld. Let op dat het oogje voor het spatbord bruikbaar
blijft.
Mijn fiets was
weinig gebruikt, origineel en in redelijke staat. Wie met een hoop
oud ijzer begint, heeft het veel moeilijker. Deze fiets wemelt
van de maffe constructies, maar de Moultonrijders club
biedt qua informatie en onderdelen een goede steun. Als
je een Moulton wilt gaan rijden, is het nuttig om je bij de
club aan te sluiten. Je krijgt zo toegang tot de Engelse markt van Moultons;
in Nederland is die er gewoonweg niet. Als je ze in Engeland ophaalt, zijn ze
niet zo duur, soms worden ze zelfs "voor de liefhebber"
gratis aan geboden; de Engelsen geven dit aan met "needs
TLC (tender loving care)". Dit betekent meestal, dat het
roestige krengen zijn. Er is zelfs een clubje dat als
"redders van Brits erfgoed", Moultonwrakken en
onderdelen ophaalt en aan liefhebbers tegen een kleine
vergoeding aanbiedt:
Moulton Recycling
(uiteraard ter restauratie). Alle restauraties zijn
liefdewerk; je moet niet in
uurloon denken als je aan het opknappen van een oude
fiets begint.
FIG.8a. Voor de
behandeling: oubollig en sloom.
FIG.8b. Na de behandeling: vlot en rank.
NASCHRIFT
Bij de verkoop van Moullton in 1967, heeft Raleigh de rechten op de merknaam Moulton mee
gekocht. Jaren later, toen Raleigh allang met deze productserie
gestopt was, heeft Alex Moulton de rechten op de merknaam terug gekocht.
Hij begon in 1983 op kleine schaal een nieuwe
productielijn: de Moulton AM-series. Deze hadden een nieuw frame-ontwerp: het "Space-frame" (een
prijzig gebeuren). Daarna kwamen de APB-series (1992), gebouwd bij de fabrikant Pashley; deze
werden in grotere aantallen geproduceerd en waren
betaalbaar; ze worden nu voortgezet als de TSR-series. De
nieuwste modellenreeks, vanaf 1998, heet
New Series ( NS ) en is weer exclusiever.
informatie
via Internet:
Moultonrijders aller landen
verenigt u:
http://www.moultoneers.info/
Moultonverzamelaar en schrijver van " the Moulton
Bicycle":
http://www.hadland.me.uk/moult.html
De website van de huidige Moulton modellen:
http://www.moultonbicycles.co.uk/
Foto's uit het
Moulton Museum in Bradford on Avon:
http://www.hadland.me.uk/page21.html
Foto's van anderen:
http://www.flickr.com/groups/moulton_bicycle/pool/
en
http://www.moultonbuzz.com/?p=51
Een website voor de
vouwfiets:
http://www.foldingcyclist.com
Voor restauratie
materialen, oude onderdelen
van (Duitse) remnaven en nog heel veel meer:
http://www.velo-classic.de
Moulton
Recycling
:
Unwanted/ Unsaleable Moultons accepted & available at
Moulton Preservation; nonprofit prices.
Clive Fletcher, 11 Buckland Lane, Maidstone, Kent ME16 OBJ
or Andy Scaife, 9 Suffolk House,
Lowther Terrace, York Y024 4AQ
Vragen of opmerkingen:
contact
Deze pagina kunt u hier in PDF
downloaden.
|